Alles is groen. De vloer, de wanden, zelfs de ruimte lijkt haar diepte te hebben verloren. Bert Lont werd er in het begin een beetje draaierig van. Geen decor, geen horizon, geen schilderij om zich aan vast te houden. Alleen tekst, tegenspelers en verbeelding. Hier, in deze lege ruimte, moest hij Cornelis Bok tot leven wekken.

Bert Lont speelt de hoofdrol in de voorstelling over de West-Friese schilder Cornelis Bok. “In nagenoeg alle scènes kom ik wel eventjes voor,” zegt hij bescheiden. Het voelde een beetje als thuiskomen. “Ik kwam weer allerlei mensen tegen uit de toneelwereld waar ik vroeger mee gespeeld heb. Dat vond ik wel erg leuk.”
Een rijke toneelervaring
Bert woont in Nieuwe Niedorp en speelde jarenlang toneel in Winkel. Zo’n dertig tot veertig jaar geleden rolde hij de plaatselijke toneelvereniging binnen. Eerst aan de techniek, later zelf op het podium. “Ik vond het leuk om een keer mee te doen. Dat begon met een invalrol en toen ben ik blijven hangen.”
Rond 2000 keek hij verder dan zijn eigen dorp en belandde hij in een netwerk van makers en gezelschappen. “Dan zoeken ze iemand van een bepaalde leeftijd en postuur, en zo speel ik al jaren twee of drie producties per jaar.” Inmiddels heeft hij samen met anderen ook een eigen gezelschap: Kortsluiting 2.0.
Spelen voor deze productie is echt wat anders
De vraag om Cornelis Bok te spelen kwam niet uit het niets. Regisseur en scriptschrijver Nel Groet kent Bert al lang. “Onze moeders waren bevriend. Later kwamen we elkaar weer tegen in het theater en raakten we zelf bevriend. Zo gaan die dingen.” Toen zij vroeg of hij deze rol wilde spelen, hoefde hij niet lang na te denken. “Het is weer iets heel anders. En ook nog eens voor green screen.”
Dat ‘andere’ voelde hij meteen. “Claustrofobisch is niet het goede woord, maar je wordt er wel draaierig van. Alles is groen, er is geen diepte. Je staat in een lege ruimte te spelen, terwijl je niets ziet.” Op toneel speel je groot, met publiek en decor. Voor de camera is alles kleiner en subtieler. “Dat is echt een andere discipline.”
Nauwelijks repetities
Wat ook verschilt met toneel, is dat er nauwelijks repetities zijn. Tekst leer je ter plekke. “Door wat anderen doen, ga je nadenken: hoe sta ik erbij, hoe kijk ik?” Bij film kan het opnieuw. Bij toneel niet. “Fout is fout en goed is goed. Dan moet je improviseren. Bij deze productie kon het wel opnieuw als het nodig was.”
Meestal staat Bert niet alleen voor het green screen. “We spelen met z’n tweeën of drieën. Ik heb kleine scènes, dialogen met onder andere de burgemeester en zijn vrouw.” Alles wat zij spelen, wordt later geprojecteerd in de schilderijen van Cornelis Bok. Hoe dat eruitziet, weet Bert nog niet. “Ik heb alleen een klein fragment gezien, met een paardenwagen die door schilderijen rijdt. Van onszelf heb ik nog niets gezien. Ik ben vooral heel nieuwsgierig.”
Een schilder en zijn tijd
Vooraf kende Bert het werk van Cornelis Bok wel enigszins, maar de man zelf moest hij leren kennen. Via boeken, gesprekken en het script. Wat hem vooral raakte, was de tijd waarin Bok leefde: een samenleving waarin ongelijkheid groot was. “Geschiedenis helpt om te begrijpen waar we nu staan. Niet exact waar je vandaan komt, maar hoe situaties zijn ontstaan.”
Hij ziet parallellen met nu. Polarisatie, macht, eigenbelang. “Dat speelde toen al en dat speelt nog steeds.” Eén scène die dat voor hem illustreert, is die waarin Cornelis Bok eten kookt voor gevangenen, omdat de overheid dat niet deed. “Dat zegt veel over die tijd. En misschien ook wel over de onze.”
Spelen, blijven spelen

Bert is gepensioneerd, maar stilzitten doet hij niet. Al twintig jaar speelt hij meerdere producties per jaar. Tekst onthouden wordt lastiger, geeft hij toe. “Ik moet echt blokken.” Toch leert hij vooral door te doen, door samen op de vloer te staan. “Dan koppel je tekst aan toon en beweging. Dat werkt voor mij beter dan thuis achter mijn bureau.”
Straks, als de schilderijen tot leven komen, staat hij daar. Niet meer in de leegte, maar midden in het verhaal van Cornelis Bok. “Ik kan niet wachten om het resultaat te zien.”
Auteur artikel: Marieke Endert – MeCommunicatie
Visual Storytelling Centre project wordt mede gefinancieerd door Europese Unie via LEADER programma. En voor het deelproject Cornelis Bok is door Meesterlijk Schagen een sponsorbedrag beschikbaar gesteld.